Gezondheid

Te jong voor de lange afstand?

Leestijd: 4 min

Meedoen aan een hele of een halve triathlon is voor veel mensen een bucketlist-item; iets dat ze een keer in hun leven gedaan willen hebben. Het is een fenomeen zo oud als de sport zelf. Wat wel meer van deze tijd lijkt, of misschien meer zichtbaar door social media, is dat ook steeds meer tieners en jonge twintigers zich aan de langere afstand willen wagen. Maar hoe verstandig is dat? We vroegen het aan bondsarts Mirjam Steunebrink en jeugdsportcoördinator Marcel ten Wolde.



Foto: NTB/Christie Brouwer

Mirjam Steunebrink kijkt als sportarts vooral naar de gezondheidsaspecten van het trainen voor, en het volbrengen van een triathlon over de langere afstand. “Dat moet je echt niet willen op een te jonge leeftijd want er kleven toch behoorlijk wat gezondheidsrisico’s aan”, zegt zij. “Zeker als je vanuit het niets, dus zonder duursportachtergrond, voor de lange afstand gaat trainen. Je loopt dan echt risico op blijvende schade.”

 

World Triathlon en Ironman hanteren een leeftijdsgrens van 18 jaar voor een halve of hele triathlon. De NTB volgt de reglementen van World Triathlon en heeft daarnaast voor kinderen en jeugd adviesleeftijden voor de verschillende afstanden. Voor de standaard afstand (1500 meter zwemmen, 40 km fietsen en 10 km hardlopen) bijvoorbeeld, is de toegestane leeftijd 18 jaar en de adviesleeftijd 20 jaar.

 

De reden voor deze terughoudendheid is dat kinderen tijdens, en in de jaren na, de puberteit extra gevoelig zijn voor blessures. “In de puberteit maken kinderen een groeispurt door. De groeischijven bij de gewrichten zijn nog open en de botdichtheid is tijdelijk verminderd zodat botten in de lengte kunnen groeien. De groei van pezen en spieren blijft hier vaak iets bij achter, waardoor je gevoeliger bent voor blessures bij de spieraanhechtingen, bijvoorbeeld in de knie of hiel. Ook worden spieren, pezen en gewrichten wat strammer in de puberteit, waardoor jonge sporters meer risico’s lopen op blessures”, legt Steunebrink uit.

Groeispurt

Die groeispurt zorgt er ook voor dat een puberlichaam vaak een beetje uit verhouding raakt. Ledematen groeien hard, de lichaamsverhouding verandert, het zwaartepunt verschuift en dat heeft weer invloed op de motoriek. “Je ziet dat pubers in deze fase wat slungelachtig of onhandiger worden en de technische vaardigheden achteruit gaan. Dat kun je bijvoorbeeld merken op de fiets in een bocht of tijdens het zwemmen. Je moet je lichaam de tijd geven aan deze nieuwe situatie te wennen. Tijdens de puberteit en jongvolwassenheid verandert daarnaast ook het brein, dat kan leiden tot impulsief of risicovol gedrag. Wat natuurlijk helemaal niet handig is als je extra vermoeid bent.”

Een risicofactor is ook dat het kinderlichaam warmte nog niet zo goed kwijt kan. “Dat systeem is nog niet goed afgesteld”, vervolgt Steunebrink. “Kinderen hebben daarnaast vaak nog wat meer onderhuids vetweefsel wat voor isolatie zorgt, waardoor warmte minder goed wordt afgegeven. Je kunt daardoor eerder last van hittestuwing krijgen. Op de lange afstand is die kans groter omdat je vaak midden op de dag aan het lopen bent en je na het zwemmen en fietsen al behoorlijk uitgedroogd kunt raken.”

Foto: NTB/Christie Brouwer


Foto: NTB/Christie brouwer

Plezier staat voorop

Jeugdsportcoördinator Marcel ten Wolde raadt ook jongeren aan niet te vroeg te beginnen met de langere afstand. Zijn advies: bouw het langzaam op. “Begin met een achtste triathlon en ga zo telkens een stapje verder richting de lange afstand. Dat is niet alleen verstandiger met het oog op blessures, maar het zorgt er ook voor dat je plezier in de sport blijft houden.”

 

Want kun je – en leeftijd staat hier even los van – het nog een keer opbrengen om zoveel te trainen, als je de grootste uitdaging al volbracht hebt, of als je geblesseerd bent geraakt? “Ik zie ze regelmatig voorbijkomen: mensen die door een kroegweddenschap, of het willen afvinken van hun bucketlist, één keer meedoen aan een hele of halve triathlon en daarna weer verdwijnen. Dat is echt zonde, want deze sport is zo mooi.”

 

Hoe oud moet je zijn om een halve of hele triathlon goed te kunnen volbrengen, is dan natuurlijk de grote vraag. Ten Wolde vindt het lastig om daar een concreet antwoord op te geven. “Dat verschilt per persoon en hangt grotendeels af van je achtergrond als sporter”, vervolgt Ten Wolde. “Een jaar trainen is echt te weinig, je moet echt wel behoorlijk wat jaren aan duursport hebben gedaan. Je ziet wielrenners die op jonge leeftijd doorstromen naar de profs, maar die hebben wel al vaak een jarenlange opleiding achter de rug. Omvang bepaalt of je op jonge leeftijd al langere afstanden aankunt.”

Doe het niet voor de likes

Ten Wolde pleit naast een rustige opbouw, ook voor een verstandige aanpak. “Als je al een tijdje aan duursport doet en je écht graag een halve triathlon wil doen, zoek dan begeleiding van een goed opgeleide coach of wordt lid van een triathlonvereniging. Een goede voorbereiding zorgt dat je ook echt plezier beleeft aan zo’n dag en als je vervolgens bent hersteld van de race, weer zin krijgt om te trainen voor een volgende uitdaging. Intrinsieke motivatie is daarbij belangrijk. Ook dit geldt voor alle leeftijden: doe het niet voor de likes en duimpjes op social media, maar voor jezelf.”

Steunebrink adviseert jonge triatleten voor ze zich gaan inschrijven voor een langere afstand, eerst langs te gaan bij een sportarts. Die kan een inspanningstest doen, je metabool profiel vaststellen en zo je belastbaarheid bepalen. “Het is belangrijk om te weten of het een haalbaar project is. Niet alleen om blessures te voorkomen, maar ook om plezier te hebben en te houden in de sport”, benadrukt ook zij. “Het zou zonde zijn als je eerste triathlon een negatieve ervaring wordt.”

Deel dit artikel


Marcia Jansen

Schrijft voor Transition over een breed scala aan onderwerpen, van gezondheid en training tot triathlon als lifestyle en interviews.